Introduction - introductie

This blog is not a trail guide. It is about the beauty and the diversity of Curaçao.
There are dry months and wet months, days with wind or storm or no breeze at all.
Due to the weather conditions, you may find he trails to be very different from what our pictures show.

Most recent hikes are described in Dutch, the other entrees are in English. Our main object is to show the beauty of the island. We cannot always give exact directions of trail heads or ends.
Many trails tend to change. Also, the maintenance depends on
enthusiastic volunteers.

Important: never go hike alone! When visiting popular places like the Salt pans at Jan Kok, don't get out of your car unless other people are there. Leave money, cards and other valuables at the Hotel.
If you have no one to come with you, take a hiking tour with a guide. Please read the page with
tips and info
!
Do not touch the
Manzanilla tree or its leaves and apples. They are poisonous.
Enjoy Hiking Curaçao!
______________________________________________________________________________________________________

Wandelverslag 20-12-2015. Boca Manzanilla, Platee, Kortalijn, Djegu.

Beste Wandelaars,

Niemand miste Misje, behalve de afzeggers dan.
Allen waren in opperbeste stemming om op pad te gaan. We namen de route via de geitenpaadjes langs de savanne met zijn wijdse uitzichten en kwamen een onbestemd muurtje tegen. Was het een waterkering? Het zal wel. De rooi moest wederom bijgeknipt worden, de Wabi, ene boom met zijn scherpe doornen hield trouw de wacht, maar daar zaten wij niet op te wachten. Er loert etwas achter gindse tronk.


SHETE BOCA NATIONAAL PARK

Op het kustpad aangekomen, zag je al van verre aan de begroeiing de kustinhammen. We liepen  regelrecht naar Boca Manzanilla voor wat je regelrecht kan noemen. In het struikgewas van de Boca ruiste iets, maar we konden niet vaststellen of het een leguaan was. Omdat we het pad volgden, kwamen we uit aan de kant waar het heel moeilijk is om naar beneden te klauteren. Dan maar op de terugweg, werd er besloten om de goede kant te nemen.
Boca Platee lag er achter verscholen en daar achter Boca Kortalyn en als je nog even doorloopt dan kom je bij Shete bocas Natuurpark. Boca Platee : Wild aan rollende golven zette Platee in het schuim. Hoog klotste het water bij de wanden op en gaf een schitterend aanzicht van het afdruipende water en schuim. Boca Kortalyn een plaatje apart. Ik zag iemand snel opzij springen , want de golven kwamen wel erg ver de inham in. Er was in het weerbericht gewaarschuwd voor een stevige wind en dat konden we merken. Op naar de Manzalinna boca, maar dan wel aan de goede kant erin. Het bord gaf aan dat het verboden was om op schildpadden te jagen en voorts als je een BBQ wil organiseren moet je dat in vijfvoud aanvragen.
Op de terugweg deden we als uitsmijter Boca Djegu ( degen ) aan. Vermoedelijk heeft het zijn naam te danken aan de scherppuntige rotsen die in de boca staan. De onderwater gestolde lava knotten, zichtbaar in de zijwanden, doen vermoeden dat het hier in de beginne wild aan toe is gegaan. Boca Djegu een mysterieuse plek, waar de Druiden en de voorouders van de Indianen wel pap van lusten, zo geheimzinnig is het daar. De pyramide achtige rotsen geven een sfeer dat je elk moment kan verwachten dat er een farao met zijn Cleopatra aankomt. Een van de wandelaars was al aardig op weg om high te worden, hij wist met veel energie de terrassen te beklimmen en van bovenaf de boel gade te slaan.
 De vier bocas zijn net als de vier sopranen van Andre, ze hebben allemaal een ander geluid. Terwijl de sopranen de hoge C halen, gaat de kustinham geen zee te hoog. De woeste golven beukten de kust en kwamen met hun schuimkoppen de bocas binnenrollen.
Een footprint in het zand is gauw gemaakt en nog sneller gewist door zo'n aanrollende golf.
De weg terug liep langs de TV- mast. Hier en daar was het vuil nog niet opgeruimd. De auto met de lekke band stond nog langs de kant van de weg. De dames hadden blijkbaar al een lift gekregen.
Bij onze autos aangekomen konden we konstateren dat we meer geluk hadden gehad dan de vorige keer. Alle ruiten waren heel.
Een prachtige wandeling van 2 uur en 15 minuten zat er op. We kunnen er straks dushi van dromen.
Ik wens U heel fijne Kerstdagen.
Met een vrolijke wandelgroet,
Groetend, G.K. (verslag)

Wandelverslag Jan Thiel kustpad en open lucht museum. 27 dec. 2015

Beste Wandelaars,

Langs de kust. Uitzicht op zee. Het pad over de koraal vlakte  en je moet uitkijken, dat je geen natte voeten krijgt. Gelukkig stond het water niet al te hoog. We hebben andere tijden gekend , toen de mannelijke wandelaars nog hun elegantie konden botvieren door het zwakke geslacht voor natte voeten te behoeden. Waarschijnlijk zijn hierdoor de moderne indianen geraakt door deze hoffelijkheid en wisten dit in een toepasselijke vis uit te drukken, want veelkleurige vissen krijgen nooit natte voeten. De indianen die er alles vanaf weten hebben dit in een muurrotsschildering tot uiting gebracht, een vis in alle kleuren van de regenboog. Voor degenen die deze kunstexpressie gemist hebben, is er een herhaling van de tocht langs dit kunstwerk pas volgend jaar.
Wij klauterden en klommen verder rots op en af langs lieflijke paden, todat we bij het Paashazen pad kwamen. Hier moest enig beraad worden gehouden, daar dit niet ongevaarlijke pad mogelijk niet ieders meug is. De alternatieve route was voorhanden. De meesten besloten toch om het rulle pad langs de woeste zee- afgronden te nemen. Menig fotoalbum zal verrijkt zijn met de diverse hachelijke situaties.



Bij het wederom hergroeperen werd meteen op plan B overgegaan. De route liep nu over het pad, dat naar Bon Futuro leidt en na 100 meter werd een zijpad naar boven genomen om ons langs het Open Lucht Museum te brengen. Het antiek lag verspreid maar de paden liepen zodanig dat we er met volle teugen van konden genieten.
Het uitzicht op het eilandje vlakbij met een negental flamingos en in de verte een grote groep van deze langpotige vogels was superb. Een eenzame Warawara vloog nieuwsgierig over ons heen. Wij vervolgden onze weg langs de electrapalen. Het zoemen was bepaald niet van de bijen, want we hoorden het alleen maar langs dit pad.
Na de ingang van de lagune gingen we het mooie padenpad op. Af en toe had je een verschrikkelijk mooi uitzicht over de lagune met op de achtergrond de witte silhouetten van het Seminarium. Ook Bottelier deed een duit in het zakje met zijn wanstaltige bouwsels op de top van de heuvel. 
Na de eeuwenoude Cadushis, Verfhoetbomen en Zadelbomen bewonderd te hebben, was het een steil heuveltje die ons naar adam zag happen. Achter Cho-go-go kwamen we uit en we wandelden rond het resort langs de Bonchi Indian naar onze autos die geduldig stonden te wachten. Twee uur en een kwartier waren we onderweg geweest en hadden genoten van de prachtige oude bomen paden met zijn magnifieke uitzichten langs kust en lagune Jan Thiel.



Voor de volgende week ,de eerste wandeling in het nieuwe jaar, zal ik het groot wandelboek er even op na slaan, daar het moeilijk zal worden om een betere te bedenken. Mogelijk wordt het tijd om de krabben in het bos te bezoeken, voordat ze onder water komen te staan.
Veel heil en zegen in het nieuwe jaar!
Groetend, G.K. (Verslag)

Wandelverslag Playa Pretu, Ruine landhuis Espagnol, Playa Hulu. 22-11-2015.

Beste Wandelaars,


Ons verzamelpunt bij Playa Santa Cruz is, waar Kapitein Goodlife de scepter zwaait en de Seru Commandant waakt om alles in goede banen te leiden. Een matige drukte aan het strand, enige palapas waren nog onbezet. Dit moet ook een stempel gedrukt hebben op deze bizondere wandeling. Normaal is een deelname dik boven de tien, maar ditmaal haalden we de tien niet eens. Mogelijk had ik de wandelaars afgeschrikt. 


Het is namelijk geen peuleschil als je via het lange langzaam steigende pad van rul zand de helling op moet.


En voor vermoeidheid is er geen plek om in de berm te rusten zonder dat je in aanraking komt met de Bringa Mosa. En berg je dan maar. 

Opgewekt startte de groep voettochters en liep het smalle pad op dat ons naar Playa Pretu leidde. Een lokale familie had hier duidelijk de voorkeur aangegeven om op dit speciale strand hun BBQ te houden. Een idyllische plek, waar het zand zwart kleurt.

Na de BBQ-ers gegroet te hebben zetten we onze tocht voort en waren al gauw bij Boca Piscador. Een bizonder mooi baaitje met een tafel terras. Het is moeilijk om hier te water te gaan en nog moeilijker om er uit te komen. Er wordt dan ook aangeraden om niet alleen te gaan zwemmen en een oude handdoek mee te nemen om over de scherpe rotspunten te leggen als je er uit wil.

Eerste weg links. In het begin leek het een gemakkelijk pad, maar al naar gelang je verder kwam begon toch menigeen zijn tempo aan te passen. De Bringa Mosa ( vechtend meisje ) stond sierlijk langs de kant de schitterend witte bloemetjes te tonen. De antidote van de Flaira, die in de buurt stonden, is een probaat middel mocht je ooit met die Mosa aan het vechten slaan.



Bij de Magazina aangekomen had iedereen een dorst ven jewelste. Het verkwikkende water siste er in. Na genoeg uitgerust te hebben vervolgden wij onze route en sloegen bij de geelgeverfde keien rechtsaf op weg naar de ruine Pos Spanjo. 

Beneden op de T-kruising gingen we naar rechts om uit te komen op een tweespalt, waar we moesten besluiten om de korte gestadige klim of de langere weg met het venijn in de staart te nemen. Het laatste was de keus, omdat we nog geen benul hadden van wat ons te wachten stond.


De trap naar Playa Hulu is een bizonder uitrustpunt met het zicht over zee en het aanrollend water, dat op het zandstrandje van Hulu breekt. Vroeger placht ik met mijn familie hier te snorkelen en te zwemmen. Een flesje rum en de BBQ brachte al fluks de stemming er in. Zo'n privee strand is toch onvergetelijk.


Prima op tijd om kwart over zes waren we bij onze autos aangeland.
Ik hoop dat deze tocht niet al te vermoeiend was en mocht dit toch zo zijn , lekker slapen.
Met een vrolijke wandelgroet,
G.K. Foto's en verslag.

Wandelverslag Porto Mari, Magazina en Rooi. 15-11-2015.

Beste Wandelaars,

Langs de drukke weg naar Soto parkeerden we onze auto's bij de ingang naar het resort Fontein. Hadden we tenminste het gevoel dat er een oogje in het zijl gehouden werd door de Fonteinse portier, Maar geloof me zonder hem te waarschuwen en een beloning in het vooruitzicht te stellen, is dit een illusie.
We waren precies om halfvier startklaar en eerst moest de drukke weg overgestoken worden. Heel voorzichtig deden we dat. Langs de weg het pad op, dat door een rode slagboom afgesloten was. Hier moesten we overheen, onderdoor of omheen.
Voor elk wat wils. Ik heb het niet geteld , maar volgens mij waren er evenveel overheen en onderdoor of omheen. De volgende keer zal ik beter opletten om U de juiste aantallen te verschaffen, want je mocht er eens eentje missen. Sommigen blijven hangen of is er eentje die verdwaald is geraakt.




Tweede weg links en je komt op weg waar de rooi aanvangt. Bij de put waar vroeger waarschijnlijk een molen of een waterpomp op stond, ging de hele zooi, mooi in de rooi. Hier en daar moest er een takje gesnoeid worden om de wandeling zo prettig mogelijk te maken. Gelukkig hadden er een paar hun snoeitangetje niet vergeten. De rooi was breed en lang. Overal vond je sporen van dieren zoals geiten, herten, varkens en ezels. De Prikichis vlogen dapper over ons heen. Hier en daar zag je een vliegende Warawara. De Mata Sanger stond in bloei evenals de Basora Pretu en de Wilde Salie. We liepen natuurlijk te ver de rooi door en sloegen fervent aan het snoeien , totdat ik vond dat het nu genoeg was geweest. Dus terug en zoeken naar de afslag. Vroeger knipten we ons wel eens een weg tot aan het pad waar de electra palen staan, maar daar hadden we nu geen tijd voor gezien de zonnenstand.


Over een slingerend pad dat langzaam aan opliep, vonden we de weg die ons naar de Belpaal bracht. Vroeger werd de paal gebruikt door er een bel op te zetten en te luiden om de landbewerkers te waarschuwen dat het etenstijd was of vastwerken. Ik weet niet welke volgorde er aangehouden werd. Eerst eten en dan werken of andersom. Mijn bruine vermoeden dat het eerder andersom was. Tegenwoordig wordt de paal gebruikt als een domme dikke paal die ons zou moeten herinneren aan vervlogen tijden, een soort artefact. Hoe het met de aanvoer van water gesteld was, waarschijnlijk een kwestie van een Awa di Jobe karretje. Het kan ook zijn dat het vroeger meer regende.

De belpaal stond in zijn nieuw jasje te pronken en vervolgens werd de gerestaureerde  magazina geinspecteerd. Het scheepje lag nog steeds in de branding. De boegspriet was nauwelijks te zien. De scheur was dichtgemetseld en de bogen van de ingangen waren vernieuwd. In 2015 stond erin de muur.
Van hieruit gingen we over het ganzenpad door de mondi totdat we eindelijk eens een slokje water tot ons namen. Dat was lekker.
En voort ging het weer, want de tijd liet het ons niet toe om lang te blijven staan.



Het brede pad was te mooi om nog een stukje rooi te bewandelen. Op slag van zonsondergang waren we bij onze autos aangeland.
Een tocht van iets meer dan twee en een half uur zat er op. Ik voelde mijn kuiten wel.
Vrolijke wandelgroet, GK. Foto's en verslag.

Fontein Seru KloofSeru Neger. 08-11-2015

Beste Wandelaars,

Dat was even slikken, geen spuitende fonteinen op Fontein te bekennen. Vorige week werden we getrakteerd op een tropische bui die met dikke stralen naar beneden gutste. Het kan verkeren. De deelnemende wandelaars zijn nog de gele klei aan het verwijderen.
Melden bij de portier en je laten registreren. Bezoekerskaartje in ontvangst genomen, nadat er geverifieerd was en toestemming hadden, dat we het terrein mochten betreden. Volgende keer even van te voren bellen met het toelatingsbestuur. 



Het groepje was iets groter dan van verleden week. Al gauw vonden we het weggetje dat omhoog leidde de seru Kloof op. Een steile klim van ongeveer 100 meter over een slingerend pad waar diverse treden ontbraken en je op je hoede moest zijn om je voeten niet op wegrollende rotsjes te zetten. Het touw hing er slap bij. Haast niemand gebruikt het. Geen haast. 



Nadat we allen veilig en wel  dit klimmetje voltooid hadden , begonnen we aan de tocht langs de vestingsmuur van Tula. Ook hier moest je af en toe over losse keien lopen. Dan blijkt dat zo,n wandelstok een enorme hulp is om je in balans te behouden. De uitzichten over het resort Fontein en daar achter waren geweldig.



Bij het bultje stenen op een plek neergezet vanwaar je rondom van het landschap kan genieten met als hoogtepunt de Christoffelberg op de achtergrond. Dit is vermoedelijk een uitkijkpost van Tula geweest, maar ik weet bijna zeker dat Tula niet de hand heeft gehad in het bultje. Geen aanduiding of iets van dien aard gaf ons enige aanwijzing. Er hing ook geen verklaring van wie er allemaal al zo geweest waren. Dat een navraag is zowieso moeilijk.



Voort langs de muur. Dat deze lange muur de nodige zweetdruppels heeft gekost was voor niemand een verwondering, want wij als argeloze voettochters plengden al menig zweetdruppel zonder dat we ook maar een rotsblokje stapelden. Doorgaans  lopen we onder een beschermend bladerdak. In de bocht waar het pad naar rechts buigt, is er een doorgang in het lover, waar we de geleidelijke afdaling namen. Al huppelend namen we deze zodat we op een zandweg uitkwamen. Hier werd de eerste lavenisstop gehouden. Eentje onder ons zag dat we er slecht aan toe waren en begon gelijk vruchtensuikertjes uit te delen, zodat we weer op krachten kwamen. Het verschil voor of na zo'n suikertje- dag en nacht.



Het slingerpad naar de Magazina bezaaid met lidcacti deed ons nog meer laveren. De magazina stond er nog, al waren de planten er wel groter geworden. Enig snoeiwerk was geen overbodige luxe.
Ook het pad naar de oude fundamenten was bedekt met Enfrau. Terug naar de zandweg. 
Aan deze weg ligt een tweepersoons tombe, die al danig in verval is. Of er nog bewoners zijn konden we niet vaststellen. Geen knekeltje te zien.



De terugweg naar de auto's was over een breed zandpad waar alleen bulldozers komen. Langs deze weg staan een paar vallen. Waarschijnlijk om wilde honden van het terrein te verwijderen.
De portier nam bijna alle bezoekerspasjes weer in. Degenen die vergeten hebben het af te geven, worden vriendelijk verzocht om deze pasjes bij te portier van Fontein te brengen.

Met een vrolijke wandelgroet, G.K.  Verslag en foto's.

Wandelverslag van Shin Got grot. 01-11-2015. Hatovlakte.

Beste Wandelaars,

Bon Siman.
Bij de Free Zone stonden de spelonken bezoekers al klaar bewapend met zaklantaarn en tondeldoos. Klaar om het avontuur te beginnen. We reden met zijn allen achter het vliegveld langs en kwamen bij het scheiden der wegen. We took the highroad.. 



Een waarschuwingsbord waarschuwde ons, dat je je hier beter niet kan ophouden, daar er anders wel eens  onguur gespuis ons het leven zuur zou kunnen maken. Met ware doodsverachting reden we verder om op de plaats aangekomen, waar we onze auto;s uit het zicht van ongenode gasten  parkeerden. De ondergrond was enigszins zacht geworden door de lokale buitjes. 



En daar begon het gedonder. Ik dacht, dat 10 tot 15 minuten wachten wel voldoende zouden zijn. Na een half uur pijpestelen was de bui uitgeregend. We zagen twee regenbogen. 



Welgemoed op naar de grot door de modder, want het water had zich intussen tot grote plassen verzameld en de ondergrond waar we doorheen moesten was zachte modder.
Allemaal wel eens een grot gezien. De grotten van Han zijn overbekend en in Vietnam schijnt een enorme grote grot te zijn van ongeveer een kilometer. De spelonken bezoekers kunnen hier hun hart ophalen.




Shin Got is hierbij vergeleken een piepklein grotje, maar wel een bizondere, vleermuizen komen hier niet voor, maar er schijnen zeer zeldzame garnaaltjes in het zoetwater meertje te zwemmen. Deze garnaaltjes zijn uniek in de wereld. Ze zijn zelfs zo uniek, dat ze zich niet laten zien. We stonden dan ook minuten te turen in het water, dat met een algenlaag bedekt was. Ja uren hadden we niet, want dan moet je wel wat eerder van huis gaan. 




Als je de grot ingaat, moet je apevoorzichtig zijn, want je glijdt zo uit over de glibberige rotsjes. Een avontuur apart, eerst bukken om het gat in te kunnen en dan voetje voor voetje afdalen tot de rand van het plasje, een vochtige benauwde lucht is dan je deel. Als je te ver stapt dan maak je de garnaaltjes wakker en heb je kans dat een of ander onzichtbaar waterondier zich aan jou vastklampt. Spanning genoeg, de adreline stijgt. Mocht je dit overkomen, dan weet je niet op zo'n moment hoe vlug je uit de grot moet komen. 




De Pictograaf zat er nog. Je moest je zaklantaarn wel goed richten om het tafereeltje in beeld te brengen. Een vliegend vogeltje is zo weggevlogen. Verder was er niet veel te zien dan wat kleurige rotspartijen. Het geklauter uit de grot was voor velen een hele toer. Maar als je een keer het licht ziet dan wil je wel. Sommigen zien het licht nooit, die blijven bij de garnaaltjes. We troffen evenwel geen skeletten aan. De grot leek zelfreinigend.  
Na het grotavontuur van Shin, lieten we het bommendoel het bommendoel. Geen Bull's Eye .  De tijd zat ons niet mee. We dachten een short cut tenemen door een pad te volgen naar de vlakte. Eilasie, grote plassen hielden ons tegen toen we de vlakte naderden.



Dan maar over de kust terug naar de crossing bij de auto's. Daar aangekomen moesten we nog even pootje baaien om de oversteek naar onze bolides te maken. Het water sopte over onze schoenen en kluiten aarde verzamelde zich aan onze schoenen. Geen kans om ze redelijk af te vegen. Nu was het de beurt om onze four wheel drives door de modder en plassen te loodsen. Op een eentje na lukte het ons allemaal. Maar met vereende duwkrachten en enkele technische aanwijzingen lukte het om deze pick-up ook op de vaste grond te krijgen. De weg terug met zijn vele plasjes was een fluitje van een cent.


Met een vrolijke wandelgroet,
G.K. Foto's en verslag.

Wandelverslag Daniel Noordroute. 09-08-2015.

Beste Wandelaars,

Bij het bordje Noordroute / Oostroute was de keuze van te voren al bepaald. De Noordroute is minder rotspuntig dan de Oostroute, tenminste in de eerste oogopslag, maar het blijft uitkijken om je voeten zo goed mogelijk neer te zetten.
Een afgebrokkelde muur is een aanwijzing, dat hier vroeger heel wat stenen versleept werden.  


De agaves en aloe beplanting duiden erop, dat de plantage eigenaar aan landbouw en veeteelt deed. Ook de kapotte jeneverflessen gaven met zekerheid aan, dat het nuttige met het aangename afgewisseld werd. We volgden de door uniek Korsow geel geverfde stenen. Uniek werk. Zodra je een geeltje mist, zit je in de problemen. Na veertig minuten hobbelen, naderden we de rand van het terras. Hier moesten we ergens afdalen.



Bij de rand van het plateau aangekomen, begonnen we met een steile helling af te dalen. De bahada was lastig, maar laverend bracht een ieder het er goed vanaf. De wandelstok als derde steunpunt bewees goede diensten. We hadden een prachtig uitzicht over de kust. Een mooie gave muur liep het land in. De griezel -grotten wachten ons.



Ali Baba en zijn veertig rovers waren in geen velden of wegen te bespeuren, ze zaten waarschijnlijk binnen.. 



We hadden het gevoel, dat we als eenzame ontdekkingsreizigers langs al die sinistere spelonken moesten, waaruit wellicht een klagelijk geluid zou kunnen komen. Het bespringingsgevoel was in hoge mate aanwezig. De sprookjeswereld van vroeger, begon ons parten te spelen. 


We zagen allerlei drakenfiguren in de rotsuitstulpingen en elk moment dachten we, dat ze tot leven zouden kunnen komen. We ploeterden voort met een scheef oog naar de griezels aan de grauwe rotswanden. Af en toe was er ook een aandoenlijk tafereel alsof een reusachtig hoofd een onderliggende beeldschone vrouwe wilde kussen. Het lukte maar niet. 


We konden amper het "sesam open U" gevoel onderdrukken. Hoewel, gouden schatten liggen hier niet begraven, hooguit een oude bok. Een knekeltje op ons pad gaf de desolaatheid van deze route aan.


Vorige week was er nog bewondering voor een bloeiende struik, de Palu Pretu. Zijn prettige geur is als die van Jasmijn, maar helaas was de Pretu uitgebloeid. 
Wel stond de Lombra blancu nu met haar witte bloemetje in bloei, maar je moet wel goed je best doen om je reukorganen te plezieren. 

De grauwe rotswanden vertoonden spelonken met zwarte achterwanden waarin geen teken van de indianen te bekennen was.
De muren bestaande uit koraalsteen liepen ver het land in en eindigden bij een heuveltje. Dit zijn de pilaren waarvan er zo'n stuk of tien langs de noordkant staan. Vroeger in de Spaanse tijd werden deze gebruikt voor het drogen van koeienhuiden. 


De zwarte nissen konden ons niet hinderen. Af en toe moesten we diep afdalen in de rooi om tot onze verbazing een mooie grot te vinden. Daniel vond het tijd voor een versnapering, de paprika en de patia. We vielen als leeuwen aan. Dorstverkwikkend en vitamineaanvullend. Onze dank was groot.  


De komeheine had zijn eigen nestje in een boom gemaakt. Verlaten nesten van deze termieten worden vaak hergebruikt door Parkieten, hagedissen en ratten als schuilplaats.


De laatste loodjes langs de rotswand en opeens stonden we bij de Bahada Daniel waar we omhoog moesten om de terugweg te aanvaarden. Dit paadje kenden we als geen ander, bizonder rotspuntig, een echte benenbreker. De moeder van de porcelijnkast en de egeltjes hadden de ondertoon gezet. 

Apevoorzichtig zetten we voetje voor voetje. Niemand wilde na al die waarschuwingen kennis maken met moeder natuur. Het geluk is met de dommen en de nietwetenden. We strompelden voort met deze wijsheid.


Onze medewandelaars  waren voortdurend beducht met hun raad om je hielen te lichten. Ik heb dan ook nooit zo'n hielenoplichterij gezien.
Gelukkig stonden onze autos nog op de parkeerplaats en de meesten hadden geen dorst genoeg om een bezoekje af te leggen bij Jan Francken. Een ieder ging zijns/haars weegs.

Groetend, G.K.

Wandelverslag Vaersenbaai,Boca Unico, Pesjbaai, Binatrail. 26-07-2015.



Aankondiging: We gaan langs de zuidkust van Kokoma beach via Boca Unico en vrijgezellenbaai lopen. 



Via de Bina trail wandelen we terug naar Vaersenbaai.





Verslag: 

Donker wolken pakten zich samen voor de kust van Curaçao. 
We huppelden toch vrolijk naar boven het plateau op tot we het kustpad oppikten. 



Hoe mooi is onze natuurgebied, ook als het droog is. Hier en daar probeerde een bloemetje schuchter het kopje op te steken. De afgebrokkelde rotsen lagen her en der verspreid beneden aan de kust, hetgeen een ludieke aanblik gaf. 



De grillige kustlijn stralend in de late middagzon is een immer majestueuze tafereel waar menig schilder zijn penselen aan gewaagd heeft. Ook wij, de voettochters, konden er niet genoeg van krijgen. 



Een bootje met lokale vissers voer langs. De vissers zwaaiden een groet naar ons , die wij beantwoorden. Je kon echt zien dat er grote golven stonden, want het bootje ging behoorlijk te keer. Het woei dan ook flink. Af en toe moest ik naar mijn pet grijpen en een gaatje vaster op mijn hoofd knellen.



De rustpauze na 3 kwartier hielden we zittend aan de tafelbank met een palapa tegen de zon. Genietend van de prachtige zonovergoten kust lesten we onze dorst.



Het bordje Bullenbaai gaf ons de richting waar de bullen liggen. Maar een buis die ons vervolgens aanspoorde om de weg te vervolgen naar de geasfalteerde weg, die ons naar de ingang van de Bina trail leidde. De bullen hebben we daardoor nooit gevonden. 



Onderweg kwamen we een prachtige bloeiende Kibra Hacha tegen. 



Onder de slagboom door of er omheen liepen we het Mal Pais gebied op. De Bruska toonde haar schitterend gele bloemetjes. De Bringa Mosa, vechtend meisje, toonde haar witte bloem. Vooral niet aankomen. Au, Au. De 'bina trail' voerde ons naar de Dam van het Lago Disparse. Hier sloegen we af naar de Pos di Pia. 
Verslag en foto's: G.K.