Introduction - introductie

This blog is not a trail guide. It is about the beauty and the diversity of Curaçao.
There are dry months and wet months, days with wind or storm or no breeze at all.
Due to the weather conditions, you may find he trails to be very different from what our pictures show.

Most recent hikes are described in Dutch, the other entrees are in English. Our main object is to show the beauty of the island. We cannot always give exact directions of trail heads or ends.
Many trails tend to change. Also, the maintenance depends on
enthusiastic volunteers.

Important: never go hike alone! When visiting popular places like the Salt pans at Jan Kok, don't get out of your car unless other people are there. Leave money, cards and other valuables at the Hotel.
If you have no one to come with you, take a hiking tour with a guide. Please read the page with
tips and info
!
Do not touch the
Manzanilla tree or its leaves and apples. They are poisonous.
Enjoy Hiking Curaçao!
______________________________________________________________________________________________________

Beaches of Curaçao.

THE BEACH BOOK

Today I had a chance to read the beach book by Bret Sigillo and Gunnar Ek.
Although I saw some enthousiastic reviews on Amazon.com, I am sorry to say that I was shocked by wrong names of places, the confusing directions to get here or there and the lack of logic: index and  entrees. 

Map comes with the beach, but the name of the beach is not on the map. The beach has a number. The reader has to go back to the index with numbers.

How hard is it to put a name on a map?

Names on map by Hiking Curaçao

There obviously was no proofreading of the book.

Among other unnecessary language hick-ups: every bay is called baii. It is baai or bay or boca. Tera Kora or Kórá (village), not Kota.

Caribbean Footprint. Hike at Jan Kok

Wandelen in de natuur van Jan Kok & saliña
Hiking in the area of Jan Kok & saliña
Kana den naturalesa Jan Kok & saliña

NEDERLANDS
We verzamelen om 6.45 AM bij de toko/restarant Willibrordus (Williwood)je links af naar Willibrordus, aan de rechterkant ligt het resort / parking at Kunuku Aqua resort.
Wandeling gaat langs de salina met flamingo's, de oude kalkoven. Over het koraalstrand volgen we het pad naar de kust. Vandaar hebben we mooie vergezichten. Langs een met veel kruidige planten omgeven pad komen we uit bij landhuis Rif Marie.
  • datum: zaterdag 10 december 2016
  • vertrek: 7.00 precies
  • duur wandeling: ongeveer 3 uur
  • kosten: Nafl.20 pp inclusief vers fruit en drinken
Belangrijk is om stevig schoeisel, een pet, water en zonnebrandlotion mee te nemen!
De wandeling is op eigen risico.

INSCHRIJVEN is noodzakelijk. Dat kan door een mail te sturen naar info@curassavica.com met uw naam, telefoonnummer en het aantal personen waarmee u komt.
 

ENGLISH
We meet at 6.45 AM at the Toko/restaurant Willibrordus (Williwood) 
This hike goes along the saliña with flamingoes, passing the old limestone furnace. On the coral beach we walk along the coast en hike towards plantation Rif St. Marie. 
It is important to wear sturdy hiking shoes, a hat or cap, a bottle of water and sunscreen. Hiking is at your own risk!


REGISTRATION is necessary. Please send us an email at info@curassavica.com with your name, phone number and number of people joining the hike.

 Opyright Caribbean Footprint

Lijst met Wandelingen - List of the Hikes on this blog

Copyright

Wandelverslag van Buriku tot Soembu Trail. 30-10-2916.

Bon Siman.
Kokolischi di kalekuna vind je overal op ons eiland, maar op Soembu was geen Kalekuna te bekennen. Vroeger was er een oude gepensioneerde keukenmaker woonachtig op Soembu, die kippen, geiten, konijnen en kalkoenen hield als tijdverdrijf. Sinds zijn verscheiden zwerft er zelfs geen hond meer rond.
Ook de bosvogels zie je er maar zelden.  Moffis ho maar, evenals de zangvogels geen Chuchubi en Trupiaal te bekennen. Zou dat komen omdat we teveel omzichtige sluipbewegingen maken?
Bij een brekend takje heft de Warawara altijd even zijn kop schuin omhoog om te luisteren of er onraad is. De Blenchis en de Dornasols trekken zich hier niets van aan en vinden al helikopterend hun weg. De Totalicas drentelen ook rustig verder, totdat je ze te dicht op de hielen zit, dan is het fladderen geblazen.

Een wegschietend konijntje kun je wel waarnemen, maar dan moet je vlug zijn. Het is niet zo, dat ze heel parmant op ons zitten te wachten, neen floeps het struikgewas in met hun trommel naar hun speelkameraadjes.  
De Palombas  hoor je op afstand, maar dan weet je niet of het een Alablanca of Blauwduif is, laat staan een Paloma di Parque die koert. Uilskuikens zie je overal. Dank je de koekoek, hoorde ik nog iemand zeggen, maar hij was met zijn goede  been uit het verkeerde bed gestapt. Een vreemde vogel.


De zittende boom, een lokale legende. (F.C.)

Bij het Credit Union gebouw was het verzamelen. Niet dat we daar crediet hadden, maar wel parkeer ruimte in overvloed. We volgden de Buriku Trail door het Krabbebos. Enkelen zagen de kop van de sater over het hoofd en even verop vonden we een bloem ,een rode roos, aan een boom 

vastgebonden, die de plek aangaf waar Milo de hond begraven was. Een aandoenlijke inscrptie en een pootje gaf aan dat hij de groeten deed vanuit het hiernamaals, Ik had nog een minuut stilte in acht willen nemen, maar we kunnen niet bij elk dood dier stil staan, want dan waren we niet voor donker uit de mondi geweest. We sloegen de richting van het hofje in waar de banken ons uitnodigden om alvast te gaan rusten. 


Die uitnodiging sloegen we af en volgden het pad naar de het bord bij de ingang, dat hier het Parke Ascencion was.
De oversteek over de drukke weg naar Westpunt is uitkijken en nogmaals uitkijken. Voor dat je het weet komt er verkeer aanrazen. Gelukkig zagen we het bordje met de aanduiding Soembu Trail en doken de mondi in. Wederom een beschaduwd pad.


Op de T-splitsing liep het pad naar links  dood in een overweldigend groen, totdat er roze/paarse linten gevonden werden, die we naarstig volgden. Vermoedelijk bracht dit pad ons op de Seru Magzina, maar zeker wisten we dat niet. Edoch we hadden te weinig tijd gepland om de roze linten verder te volgen en besloten terug te keren. We liepen we een kleine  rooi in, die ons naar het uitgangspunt bracht, waar we niet moesten zijn. 
We pakten het pad weer op dat ons naar de brede rooi bracht. 

Een onafgedekte put en een drenkbak waren hier te bewonderen. Even verderop kwamen we bij een afgebrokkelde dam. 


Onderhoud wrdt er aan deze wateropvang niet meer gedaan. 


Vervolgens kwamen we een tweede dam tegen, die nog vrij gaaf bleek te zijn. Bij een van de dammen werd een kalken pijpekopje gevonden. Degeen die hem rookte heeft een licht pijpje gerookt, want zwaar was hij niet.  Nadat we deze dammen overgestoken waren, zagen we door het bronsgroen drie duikers liggen. hier moesten we omhoog de weg op. Over het asfalt keerden we weer naar het Crediet.  De hanen zaten al in de boom. De zon ging bijna onder.
Met een vrolijke wandelgroet, G.K. Verslag en foto's

Wandelverslag Rif Marie. 23-10-2016



We gingen met zijn negenen van start het mooie pad op met zijn vele rotspartijen.
Onderweg kwamen we een gegraven of was het met explosieven een uitgediept gat in de grond. 

Het leek op een proefmijn. met een mooie bloeiende Watakeli er in. 

Passiebloem

Een uur lang liepen we het prachtige beschaduwde pad af en kwamen op het asfalt van Coral Estate uit, dat we volgden naar links om het ons bekende pad naar het Indianen visplekkie te brengen. We volgden de gele steen die uniek Curacao er neergelegd had. 


Op de indiaanse visplek aangeland moeste we nog even de rotsen op om de doorkijk, die met Maribombasbewoond was, in een rotsblok te vereeuwigen. Gelukkig waren de Maribombas braaf en niemand gaf een autje.. 


De weg terug was enigszins verwarrend, ik kon me niet goed herrinneren dat we dit pad op de heenweg ook gekomen waren. Niemand in de achterhoede had gedacht om een snoeischaar mee te nemen, zodat de voorhoede bleef knippen. gelukkig hadden we visie van we moeten terug naar waar we de afslag namen. En ja hoor we kwamen langs de indigobak en de graven. De Kitesurfers waren net aan het inpakken toen we bij de autos aankwamen. Bij het landhuis van Rif Marie stopten we nog even om aan het graf van De Haeth eer te bewijzen.

Al met al een mooie tocht die 2 uur en een kwartier in beslag nam.

Met een vrolijke wandelgroet, Groetend, G.K.

Wandelverslag van de Archeologische wandeling te Patrick. 16 oktober2016

Beste Wandelaars,

Met een aanloopje begonnen we bij een grote waterbak en dicht gegooide putten. Niet om er gelijk in te springen, want de bak was leeg en de putten vol met aarde. Daar putten we moed uit voor de volgende stap. 
Vervolgens was het vervallen landhuis aan de beurt om bezichtigd te worden. Wat zag dat er uit! De daken waren ingevallen, de kozijnen verdwenen. Hier en daar zag je nog een stuk dakpan op de grond liggen. Stompen van muren stonden nog overeind. De keukenvloertegels of waren het badkamertegels door het stof bijna onherkenbaar.



Sinds de algehele blackout hadden we over zonlicht niet te klagen. De koperen ploert vergezelde ons voortdurend en als we de schaduw van de bomen opzochten, dan kwamen die venijnige vliegbeesten ons het leven zuur maken. Fijne wandeling gehad? O,ja, maar die Germen voerde ons langs paden, die alleen maar door die ellendige beestjes bevolkt waren. Hij had makkelijk praten, want hij droeg een lange broek met een onuitstaanbaar luchtje, waar blijkbaar die sanguras weet van hadden.
De put met de opstaande muurtjes,pilaren, is een plaatje apart. Zo'n mooie oude put. Tussen die muurtjes hing vroeger een emmer met een katrol om het water omhoog te hijsen en in de bijbehorende bak leeg te gieten om het vee te laven. De muskieten deden nog een vreugdedansje rond de put om de nieuwe aanvoer te vieren. Wij taalden er niet om, want we hadden deet. Het vervolg van de route was langs een paar kleurige rotsen die plots voor ons opdoken, een verrassend gezicht. 
Terug over de vlakte die in de zeventig jaren door veel ezels bevolkt werden. De jeugd van Barber had hier veel vertier en plezier. Vroeger en dan spreken we niet over heel lang geleden, maar van de jaren zestig- zeventig, werd er op de plantage Patrick door de Canadezen door een universiteit gesponsord land en tuinbouw uigeoefend. En dat leek aardig te lukken, maar tijdens een periode van veel regen werden de dammen door de overstroming weggeslagen en de oogst ging grotendeels verloren. Hierna is het project verlaten.


Wederom langs  de ruine landhuis Patrick. We volgden een idyllisch paadje langs het badhuis, een well house, en beklommen een  gemetselde dam om vervolgens bij een andere vlakte uit te komen. Het sluisje, een overloop,in de dam deed ons verbazen. Als we niet doorgelopen waren, hadden we nog in die potsierlijke houding daar gestaan. We gingen op zoek naar de ovale put. Even verderop weer de dam op en naar benee. Na enig gesnuffel, want voor je het weet ben je er voorbij, vonden we deze unieke ovale put. Mogelijk is het dat de puttenbouwers een prettige avond hebben gehad en niet meer wisten dat rond rond is en ovaal ovaal. Diep was ie wel.
De cylindergraven , dat moeten er vroeger vijf geweest zijn, waren door de tand des tijds behoorlijk uit hun goeie doen of moet er van grafschennis gesproken worden. De graven waren ingevallen, het mooie ronde had zijn glans verloren. De inscripties waren er niet meer. We konden niet ontdekken van wie die graven waren. Normaal wordt de Shon en familie er begraven.
De Magazina is ook niet meer wat het geweest moet zijn, maar de omvangrijke muren staan nog steeds. De bakken achter de magazina zijn niet meer in gebruik. Het liep tegen zessen en de terugtocht duurde zeker nog twintig minuten. Voor donker thuis komen, hoorde ik mijn moeder nog zeggen.
We liepen het pad terug dat nog langs een put leidde. Bij een vervallen huis was een grote bak, het leek wel een zwembad, die had de functie om de kokosnoten te doen ontkiemen en ook zwommen er buiten de jeugd van Barber vis in. Nu stond hij droog en onderhoud is er geen jaren aan gepleegd. De omgeving is een speelterrein voor kinderen uit de buurt te zien aan de lappen schuilplaatsen.
Onder de slagboom door op naar onze geparkeerd staande vervoermiddelen.
Voor de volgende week lijkt me de Grafroute te Rif Marie een keus. Wel een lange tocht, maar je moet er iets voor over hebben, wil je een keuze kunnen maken om hier begraven te worden.
Tot de volgende week.
Met een vrolijke wandelgroet, G.K.

Wandelen bij Boca Ascension en Boca Patrick

Copyright © 2016 Caribbean Footprint, All rights reserved

Wandelen in de natuur van Ascencion/Boka Patrick
Hiking in the area of Ascencion/Boka Patrick
Kana den naturalesa di Ascencion/Boka Patrick

The hike


Augustus

In augustus geen wandelingen. In september weer vrolijk verder.



Sint Annabaai en bruggen bij avond.



Wandelverslag Weitjewandeling 19-06-2016


Bon Siman.

De wandeling was korter dan ik verwacht had. 1 uur en 40 minuten waren we onderweg geweest. Normaal zou het geweest zijn, dat we de volle twee uur hadden volgemaakt, maar blijkbaar hadden we eerder een opgeknapt landhuis gezien en voorts was niemand onder de indruk dat van oud nieuw gemaakt kan worden.


Wie het vroeger in verre staat van verwording had gezien, kon niet anders  beamen, dat het nog mooier was, dan het in jaren was geweest. De rommel rond het huis gaf aan, dat het nog niet af was. De mandibak op neuten vertoonde scheuren. De porchruimte had geen toegang meer vanuit het huis en moest buitenom bereikt worden. De omliggende gebouwen stonden in de stijgers. 
Als het allemaal gerenoveerd is, hoop ik dat de gehele wandelgroep uitgenodigd wordt om het vernieuwde landhuis in te wijden. We liepen verder langs de blaffende honden en kwamen via een mondipaadje bij de Dam waar een drenkbak voor het vee stond en een droogstaande put. In de buurt van deze put stond een Surun di Mondi. Zo te zien had hij genoeg water ,want hij droeg een groen blad, evenwel de in de buurtstaande waterbak was leeg.


De Passiebloem was amper te zien, maar wel in knop. Het is een nacht /ochtend bloeier. We sloften dus niet. We sloften verder de heuvel op waar het opschrijfboekje lag onder de Wabi of is het een Brasia. Niemand wilde er zijn naam inzetten, want voordat je het weet, sta je bekend als de bonte hond, die zonodig uitgelaten moet worden.

Kalbas

De voettocht voerde ons langs de Bonchi Kabei. De rode zaadjes lagen op de grond verspreid onder de boom. De stam noodde niet uit om er in te klimmen, want de stam en takken waren bezaaid met puisten waaruit vervaarlijke doornen staken. 
Mooie Indjus en Pal 'i Taki bomen verijkten de omgeving. Kwa structuur lijken ze een beetje op elkaar, maar de Taki is iets lichter van kleur.

Het veld met Yerba di Kerkhof was een stuk minder dicht dan de vorige keer dat we een bezoek hieraan brachten.
We liepen om de wateropvang heen, niet dat er water binnen de dammen stond, maar omdat het het te volgen pad zo liep.


Het is altijd weer opletten of je niet het paadje naar de weg overslaat, want dan kom je in Jan Doret uit. We misten het deze keer niet. Bij de slagboom aangekomen, telden we dat alle autos er nog stonden. Wat wil je ook op zo'n wandel- Vaderdag, dat zelfs niet door een WK of nieuwe haring bedorven kan worden.
Voor de volgende week gaan er een paar fietsers er op uit om het terrein van Maal te verkennen. Mogelijk ligt hier een mogelijkheid voor een nieuwe wandeling. U hoort nader.
Met een vrolijke wandelgroet,
Groetend, G.K.

Wandelverslag Porto Marie Magazina 26-06-2016.


Bon Siman.
Aan de weg bij het resort Fontijn ligt een aqua gebouwtje met een afbeelding van de ijzeren maagd. 



Zij oogt fraai vanaf het grijze beton naar Seru Kloof. Als behoedster voor naderend onheil, speurt haar oog naar wandelaars die de steile Seru willen beklimmen. Onze wandelgroep wist zich te ontrekken aan het alspiedend oog, daar we de plantage van Porto Marie opgingen. Dit zou ik allemaal hebben kunnen bedenken, ware het niet, dat de schildering een snor heeft met een mannelijke vreemde blik in zijn ogen. Een soort transgender, een eurosongfestivalwinner. De schilder heeft een heel andere bedoeling gehad met deze gejurkte meneer. Het zou toch niet een waarschuwing zijn voor burakus? Opnieuw een foto genomen van dit fenomeen, zodat een nader ondezoek zou uitwijzen, dat het hier niet ging om een waarschuwing, maar om een statement, dat hier gewandeld kan worden op je eentje. Man en vrouw zijn een. Wellicht komt U tot dezelfde slotsom.



Wij liepen de rooi in. Aan het begin stond een waterinstallatie die ons enige stof tot nadenken gaf. Zou hier vroeger het gemaal hebben gestaan om het water te verspreiden over de landbouwgronden? De rooi was breed en daar het groepje klein was, konden we aanvankelijk met zijn allen naast elkaar lopen.  De rooi met zijn vele vervallen dammen werd steeds smaller. en uiteindelijk ging het over in een geitenpaadje. We ontdekten, dat we te ver doorgelopen waren en eerder hadden moeten afslaan. Terug.



Zo fris als een zweterig hoentje togen we richting Magazina. In een zijweg vlak voor de Magazina staat de pas gerestaureerde belpaal. Zover kwamen we niet. We hielden de belpaal en Magazina voor gezien en liepen het pad terug. Op een zijpad stonden enkele zwart-witte kabriten die zodra ze ons zagen de mondi instoven. De Asterixaanse bok zou gezegd hebben ,"rare snuiters die wandelaars". Precies 1 uur en drie kwartier had deze voettocht geduurd en dat is voor iemand die niet regelmatig de mondi ingaat toch een hele opgaaf.

Met een vrolijke wandelgroet. G.K. Tot eind september!

Wandelverslag Daniel Noordroute, Ruta Sabana di Hato, 15-05-2016

De flessen gevuld, zonnenbrand op, de snoeischaar in de hand, een blik in de ogen van kom maar op met je terrein, die zovelen verwensen, als ze hun voeten niet hoog genoeg optilden. De Pan di Diable droeg vrucht en de Pita's, de bloeiwijze van de Agave, stonden in bloei. Een vrolijk gezicht in het maanlandschap. 


We kwamen bij de eerste afdaling. 


Het 2de terras lag uitgestrekt met een lange muur voor ons. 



Rechts zag je een onheilspellende grot en links een hoog nisje, het is maar net van welke richting je het bekijkt. De voornoemde muur staken we over om onze weg te vervolgen langs het terras, westwaarts . Na enig klimwerk en een prachtig uitzicht op omgeving en spelonken liep ons pad naar beneden de vlakte van het tweede terras op. Na twee muren volgde een derde om naar de rand van het terras te komen.
De linten en geelgeverfde stenen hielpen ons om niet te verdwalen in dit onherbergzame oord. Uniek Curacao had goed werk geleverd.


De panoramas naar de verlaten vlakte en de desolate noordkust geeft je altijd een gevoel van eenzaamheid. Als je een stofwolk in de verte ontwaart, dan weet je dat niet alleen bent. De bahada naar de vlakte van Hato was nabij. Na enig geklauter stonden we op de begane grond, waar ons een nieuw avontuur wachtte. De rotswand die oostwaarts ons de grotten en steile wanden toont is verrassend mooi.
Zelfs een tafeltje was voor ons neergezet en gaf de indruk van een niet te evenaren gastvrijheid, alleen de wijnglazen met servetten ontbraken en waren vervangen door twee botjes. Voodoo? 


Deze prachtige tocht liep door totdat we na ongeveer een uur en drie kwartier bij Kueba Pachi aankwamen. Voor op schema, een kleine groep loopt vlugger. De tafelbank nodigde ons uit om te gaan rusten en ons voor te bereiden op de terugtocht. Vorige bezoekers lieten ons weten dat ze hier al geweest waren. Er kon gebarbequed worden en een sushibak van de selikor stond er om het achtergelaten vuil in te deponeren. Limpi, limpi.


Klimmend omhoog en terug via de Bahada Daniel. Goed uitkijken niet voor de koeienvlaaien maar wel voor rotspunten.
Gelukkig bracht iedereen het er zonder kleerscheuren van af.
Na precies 2uur en 50 minuten stonden voor het hekje te dringen om weer binnengelaten te worden.
Na een koel drankje in het restaurant van Daniel te hebben gedronken, spoedde een ieder zich naar huis.

Met een vrolijke wandelgroet, G.K. verslag en foto's.

Wandelverslag Patrick 29-05-2016

Beste wandelaars!
Verzamelen is geen punt, maar een stoet in beweging zetten gaat vanzelf. Je hoeft maar voorop te lopen en dan volgt de rest vanzelf.
Daar gingen we dan. De oude Weg naar Wesrpunt loopt door het gebied van Poortvliet richting Barber. De plantage met de kokosbomen, niet meer afgesloten door de rood-witte poortslagboom, gaf ons het feeerieke gevoel van hoge bomen en veel wind. We keken onverholen naar het zwerk of we geen bezemstelen voorbij zagen komen. Op een bordje stond Patrek. hier komt pa goed aan zijn trekken, dacht ik nog.



Een betoverend gebied waar oude bouwvallen van magazinas en landhuizen de overhand hebben. Naarstig keken we uit naar de Poema, welke deze buurt onveilig schijnt te maken. Buiten een paar wegschietende hagedissen en overvliegende vogels konden we geen levend beest ontwaren. De Seru Kosta lonkte. 



Onherbergzaam, als een rots in de branding in lang vervlogen tijden. We kwamen bij de kustlijn en vervolgden onze weg naar de steenbrekerij. De meeste overblijfselen het zogenaamde schroot was opgeruimd. De oude machines die de grote brokken rots in kleinere stukjes vermaalde waren niet meer. Alleen onze fantasie kon ons helpen hoe het hier allemaal toeging. De oude vervallen gebouwtjes stonden nog half overeind om te getuigen dat hier vroeger de steenbrekrij stond.



We liepen er omheen en verkenden het terrein. Boca Santa Pretu was de volgende markante plek met zijn mooie rotsformaties en hoog opspattend water. Als er zo'n grote golf de rand had overspoeld leken de uitgesleten wanden net watervalletjes. 



We liepen rond de boca en genoten van het waterspel. De natuurlijke brug deed ons vergeten, dat we op rotsen stonden die geaderd waren door scheuren. Vroeg of laat of zoals die oude indiaan 1000 jaar geleden vertelde kalven er grote brokken af. Je zal maar aan de beurt zijn. Bij het spuitgat was het opletten geblazen om het juiste moment van hoog opspuitend water vast te leggen. De Suplado's heeft niet iedereen gezien, want door de harde wind, die de golven onstuimig deed opzwepen, waren deze door het schuimende water haast niet te zien. 



Boca Patrick is een tweelingboca, waarvan de eerste grotendeels onder water stond en een magisch decor vormde voor de omgeving. De tweede boca was een stuk rustiger. Door een nauwe spleet tussen de rotsen binnen te gaan hadden we een mooie doorkijk op de eerste boca. Met spleetogen geniet je er dubbel van, maar wij keken niet zo nauw. 



De weg terug was een long way to Tipperary met rechts de Seru Kosta en links de Seru Bayan waar het barst van de schorpioenen. Waarschijnlijk hebben deze het leven zuur gemaakt van de Puma van Patrick.



Bij onze aankomst bij de auto's was er geen geit meer te bekennen alleen de señora van het bewoonde huis zwaaide mij hartelijk uit.

Met een vrolijke wandelgroet, G.K.