Introduction - introductie

This blog is not a trail guide. It is about the beauty and the diversity of Curaçao.
There are dry months and wet months, days with wind or storm or no breeze at all.
Due to the weather conditions, you may find he trails to be very different from what our pictures show.

Most recent hikes are described in Dutch / Nederlands (kijk voor de laatste wandelingen in het blogarchief). De paden veranderen snel, ze groeien dicht of worden gesloten. Er komen ook nieuwe routes bij.

The other entrees are in English. Our main object is to show the beauty of the island. We cannot always give exact directions of trail heads or ends.
Many trails change, closed by owners, or overgrown. . the maintenance depends on
enthusiastic volunteers. Our group tries out new trails too.

Important: never go hike alone! When visiting popular places like the Salt pans of Jan Kok or Ascencion Bay don't get out of your car unless other people are there. Leave money, cards and other valuables at the Hotel.
If you have no one to come with you, take a hiking tour with a guide. Please read the page with
tips and info
!
Do not touch the
Manzanilla tree or its leaves and apples. They are poisonous.
On all photos copyright of the owners.

Enjoy Hiking Curaçao!
______________________________________________________________________________________________________
Posts tonen met het label oost. Alle posts tonen
Posts tonen met het label oost. Alle posts tonen

zondag 19 mei 2019

Wandelverslag Groot St. Joris, Vijgenbos 19-05-2019.

Beste wandelaars,



Bon siman.
Er is nog zoveel, niet alles kan bewaard. Niet alles is voor alle tijden. Aandachtig deze uitspraken denk ik aan de Sargassum toestanden op de kusten van de Caribische eilanden. Het zeewier kan zoveel ongemak veroorzaken. Schildpadden die verstrikt raken en de stank van het rottende wier. We hebben het geroken.
Politiek veroorzaken sancties veel ellende en het lijkt wel of men zich niet bekommert om de gevolgen voor derden.
Niet alles is voor alle tijden.
Een kleine twintig man waren verzameld bij de Sargassumbaai. De zitbanktafel noodde niet tot een verblijf van enkele uren vanwege de geur die het Sargassumwier verspreidde. Het leek wel of het vasteland zich uitgebreid had. Je had zo de neiging om het Sargassum op te stappen, verschil met het vasteland zie je niet. Wedden dat je er door zakt en als je onder het Sargassum zit, gebeurt hetzelfde met je als de schildpadden. Levensgevaarlijk.
We misten het bordje dat je niet op het Sargassum moet begeven. De terreinfietsers fietsen er lustig op los. We mochten niet op de fietsroute parkeren, je moest maar raden hoe die liep deze fietsroute. Hier en daar zag je wat gele afbakeningslinten, maar de wandelroute liep er grotendeels omheen. Na Indian Point. wat is die route toch mooi langs het water van de St. Jorisbaai, zagen we alleen mangroven, de Tan, de witte en de rode, de kraamkamers van de vissen. Hier en daar stond een reiger verscholen op de loer naar vis. We kwamen bij het Vijgenbos aan.



Niemand had verwacht dat hij/zij op de knieen moest om onder de takken van de omgevallen bomen door te kruipen. Maar uiteindelijk bereikten we weer begaanbare paden. Even een slokje op de goede afloop. De vijgen hebben we niet gezien en dadels evenmin. De snoeiploeg is gewaarschuwd, of dit helpt, weet ik niet. Het is wel iets heel anders dan koffiedrinken op Klein Santa Martha. Af en toe als er een onoverzichtelijke afslag opdoemde, hielden we de pas in zodat de achteropkomers niet zouden verdwalen. 


Langs de gemuteerde cadushis, die houden het al een decennia vol, een foto en een slokje. Voort ging het. Een laatste foto bij de twee Brasias dacht ik, helaas mijn fotoapparaat vertelde me dat ze last van een geheugenstoornis, zodat het plaatje op de volgende wandeling moet wachten. 
G,K.

donderdag 4 april 2019

Wandelverslag Groot St. Joris en Choloma, de seru Palomba. 31-03-2019



Beste wandelaars,

Bon siman,
Donder en bliksem konden ons niet deren ook al onweerde het niet. Wel was de lucht bewolkt, heerlijk wandelweer.  We togen van start, maar werden gelijk teruggeroepen, daar er een paar laatkomers arriveerden. We hielden halt achter het landhuis, dichtbij de koralen waar het vee overnacht. Nu waren ze allemaal op pad om hun maagjes te vullen. Dat valt niet mee in deze droge tijd. 

Oude Flamboyant

We kwamen achter de uitspanning van Choloma aan. Er leek flink geschaafd en een omheining was opgeworpen, waar we niet overheen konden. We zochten naar een doorgang en uiteindelijk vonden we die. Er waren hopi werklui aan het werk om de zaak netjes te maken. 
We liepen over het recreatie gebied van Choloma heen en namen de slagboom zonder slag of stoot.
Bos

De klim naar de seru Palomba was geen gemakkelijke opgave,  Sommige paden waren onzichtbaar geworden door dat veel bomen omgevallen waren. De paden hadden een grote snoeibeurt nodig, want blijkbaar komen we hier maar een keer per jaar. 

Uitzicht vanaf de seru Palomba

De afdaling was precies van hetzelfde laken een pak. Ook hier waren de doorgangen amper te zien. Gelukkig ware er lintjes in overvloed en konden we de trail volgen. We kamen bij een bouwval uit. Het huisje was in jaren niet bewoond geweest. De plafonds hingen er treurig bij en deuren en kozijnen hadden hun beste tijd gehd.


Nog even naar het weekendhuisje met de schelpenbak en de mooie koraal.  Een slokje en weer opweg om het laatste gedeelte af te leggen. 
Nadat de Puta Perfumdo gepasseerd te zijn, waren we het spoor bijster. Overal zagen we geitenpaadjes en uiteindelijk volgden we deze en kwamen weer op bekend terrein. We namen de weg die uitkwam achter het landhuis. 

Het landhuis en put
Na nog even nagepraat te hebben bracht de bewoonster van het landhuis nog enkele wandelaars naar de stallen en vertelde ze daarover.
Met een vrolijke wandelgroet, G.K.

woensdag 13 maart 2019

Wandelverslag Santa Catharina, Tunnel en Boca's, 03-03-2019.

Beste wandelaars,

Bon siman.
Het huis van de Sabbia, het plantje met de gele kelkjes en de sumpinas, die op de trap en het bordes het landhuis sieren. Ik denk dat ik maar een sabbiatical neem, een zogenaamde geurdag. Deze schitterende plant heb ik alleen hier gezien. 



Zoals de meeste landhuizen in verval. heeft het kenmerken van grandeur en koninklijkheid. Een prachtig uitzicht over de vlakte, waar veel Pal'i taki bomen groeien en als het geregend heeft de enorme vijver vpl staat met hemelwater die de bomen doet weerspiegelen. Het lijkt wel een tover- tanki.


Na het verzamelen togen we op weg naar de Savanne di yerba langs het pad dat naar landhuis Santa Catharina gaat. Bij grote witte steen sloegen we het pad in dat ons naar de Savanne di yerba voerde. Ook hier weer bij grote witgeverfde steen, deze steen lag al een ietsje het pad op, linksaf. 
We kwamen nu in het gebied van de Savanne. Op een heuvel zagen we eeen zwartwitte betonnen paal, welk het hoogste punt van de omgeving aangeeft. Het ging heuvel op en af. en we kwamen in de buurt van de noordkust. Vroeger kon je direct doorsteken naar Boca Chiki, maar sinds je alle scharen voorgaats moet hebben en het lastig om je een weg te banen is dit een no-go.


Bij de boca Chiki aangekomen troffen we daar twee eenzame vissers aan. Ze hadden al een visje gevangen. Het water was ruw en spoelde onverwijld de boca binnen.
We keken naar het waterspel van de bruisende golven die de tafeltjes overspoelde. Je moet daar niet invallen, want je komt er niet gemakkelijk uit. Op naar boca Grandi. Deze boca liet minder spectaculair waterspel zien. Het waren meer of minder aanrollende golven met schuimende toppen. Bij boca Labadera konden we even uitblazen en een slokje drinken. 


De Banana di Rifi was hier volop aanwezig. 


Dit plantje heeft een natuurlijke eigenschap om badkamerexceem te genezen. Je moet het banaantje doorbreken en het vocht tussen je tenen smeren.





De Tunnel of the Doom was de volgende stop. Deze inham kun je inlopen en je ziet het schuimende water door naar de overhang te kijken. Duikers moeten heel rustig water hebben eer ze er ingaan. Het schijnt dat er verderop een kamer is waar je adem kan halen. Wij hebben het maar gelaten voor wat het was, trouwens niemand had duikspullen bij zich. 

We spoeden ons daarna naar het pad dat naar het vervallen landhuis leidde. Bij het landhuis aangekomen moest je een heuvel op, waar vroeger een gehele trap was. Hier bloeiden aan het eind bij het opgaan naar het bordes de gele Sabbia bloemetjes uit een aartje. Dit gaf allure aan het landhuis. Nu zijn ze bijna allemaal verdwenen. Geen zonnige sfeer meer. Het landhuis waarvan geen pan meer op het dak lag, is van binnen te zien behoorlijk vervallen.  Je moet op eigen risico er door heen banjeren en uitkijken dat geen pan of bint op je hoofd krijgt. We keerden weer naar onze auto's en hadden precies twee en een half uur over deze wandeling gedaan.

Met een vrolijke wandelgroet, G.K.

donderdag 20 december 2018

Grot Jan Tabak, Groot St. Joris 16-12-2018.


Beste wandelaars,

Bon siman.
Genoeg ruimte om te parkeren. De hele vlakte zonder plassen kon gebruikt worden. Precies 15.45 uur gingen we van start. De vlakte van Groot St. Joris waar de kitesurfers in de baai hun kunsten vertonen, was droog. Het had de hele week niet geregend, het is wel eens anders geweest, dat je met modderschoenen moest beginnen. De Pyramide stond te lonken in de verte. 
We konden recht toe rechtaan lopen tot we pad bereikten op weg naar de grot. We kwamen een niet bewoond huis tegen in het midden van de natuur. Een rustige plek, De eigenaar hield niet van burengerucht of blaffende honden blijkbaar.
Bij elk grotbezoek heb je een lantaarn nodig om in het duister je weg te vinden. Gelukkig had iedereen een lichtje bij zich. De grot bleek ook een uitgang te hebben, waardoor je het eind van de grot kon zien. Dus ook voor de grotminnaars zonder licht was er een oplossing. Volgens de grotgangers was een lantaarn niet nodig. De vleermuizen waren met vakantie, zodat je er geen last van had. Overigens weten deze vleertjes uitstekend de weg door geluidstrillingen voort te brengen en de weerkaatste trillingen op te vangen, net sonar, zodoende vermijden ze elk kontakt. Bloemen en vruchten daar hebben ze het op gemunt. Als je dus als een bloem ruikt, dan heb je kans...
Vanuit de grot namen we hetzelfde pad naar beneden om vervolgens op pad te gaan naar het vervallen landhuis Koraal Tabak. De pannen zaten nog op het dak, maar dat zal niet lang meer duren. Het uitzicht vanaf de achterporch is fantastisch. In de verte zie je de baai van Groot St. Joris. We liepen het pad af en namen rechts een zijweg, dat we heen ook gekomen waren. Nu op de T-splitsing naar links en uiteindelijk kwamen we op dezelfde weg uit die naar de baai leidde.
De afslag naar de kitesurferscity was een feest voor het oog, Zoveel aangespoeld hout lag hier verzameld, waarmee hutjes en zitplaatsen gemaakt waren. Erg gezellig en creatief. We liepen vervolgens langs de rand van de baai met zijn vele mangroven. Nu stond het water niet hoog en we konden met gemak langs de mangroven lopen. Een wereld apart. Bij de auto's aangekomen hadden er 2 uur opzitten.
Ik hoop dat jullie een fijne wandeling hebben gehad. Tot de volgende week.

Met een vrolijke wandelgroet,
Groetend, G.K.



Landhuis Jan Tabak

Laverend om de plassen

Op weg naar de grot

maandag 12 november 2018

Wandelverslag Ronde Klip berg 11-11-2018

Wandelverslag.
De bergklim of het duin Ronde Klip.

Verzamelen deden we op de spltsing naar landhuis Ronde Klip en Abrahamsz langs de gele muur om vervolgens binnen vijf minuten over hobbels naar het beginpunt Ronde Klip te rijden. Het was even dringen geblazen, want we konden amper de vele auto's kwijt. Om ongeveer 15.45 uur starten we. 


Via een achterlangs pad kwamen we op de zandweg die om de berg heen loopt. Bij het tegeltje op een steen moesten we het paadje nemen dat aanvankelijk geleidelijk omhoog ons naar de top bracht. De klim met zo'n aantal wandelaars geen sinecure. Onder aan de top bleven twee wandelaars achter die dorsten niet de grote stap te wagen om bij de rotsen op te klauteren. 


Gelukkig waren ze op een punt aangeland met een verrassend mooi uitzicht.
Daar we dezelfde weg terug moesten, zaten ze geuldig van het uitzicht te genieten en te wachten tot de andere wandelaars weer terug waren.
Gelukkig is het wel zo, dat U het zelf moet doen, niemand neemt op sleeptouw.


Een wirwar van paadjes of die er op leken, bracht ons uiteindelijk naar het hoogste punt. Een zwart -witte paal gaf aan dat hier een slok mocht worden genoten. 



Het duin dat gevormd werd door een beschermende siliciumlaag (gesmolten zand) en daarom  weinig erosie kende. Er werd naarstig naar Anemoon schelpen gezocht. De oudheid kent geen tijd. We hebben dan ook niet lang gezocht. Op terugweg vonden we nog een paar fundamenten van een vermoedelijke uitkijkpost van de tweede wereldoorlog. Een ydillisch paadje bracht ons naar de afdaling , waar de dames zich gemakkelijk hadden gemaakt om van het uitzicht te genieten. De afdaling ging vlugger dan de beklimming, maar je moet wel goed je voeten neerzetten, want je glijdt vlugger naar beneden voordat je het weet.


Een stok als derde steunpunt en goed profiel onder je schoenen kan veel ellende voorkomen.
Een kleine twee uur hadden we over deze tocht gedaan. Een voor een konden we onze bolides uit de geparkeerde toestand rijden. 
Voor de volgende week is het gebied van Rif St. Marie een wandeling waard, vermoedelijk gaan we door de vallei.
Met een vrolijke wandelgroet,
Groetend, G.K.

(copyright foto's: G.K. en twee mede-wandelaars)

dinsdag 6 november 2018

Wandelverslag Openlucht Museum Jan Thiel, 04-11-2018

Beste wandelaars,
Bon siman.
Bijgeloof.
Bijgeloof kent iedereen. Het onder een ladder doorlopen, in het midden in een heksenkring van paddenstoelen staan, het negeren van vervloekingstekens brengt ongeluk. Een bekende vevloeking is "de vloek van de farao. Een opgedroogde wezelpoot met drie grassprietjes om elke klauw geknoopt. Een schedel op een staak duidt allemaal op gevaar.
Daarentegen zijn konijnenpootjes, geluksmunten, kastanje in je broekzak en klavertje vier de brengers van hopi suerte. Om maar van knoflookbollen aan je deur te spijkeren en hoefijzers niet te spreken. Ik las als kind van die straatromans, In de "soete suikerbol" en "het plekje dat niemand wist". Daar kon je je geen buil aan vallen.
Men nam de gebruikelijke voorzorgsmaatregelen: Oude kleren werden omgekeerd aangetrokken, wanneer je het bos in moest, zwarte katten werden vermeden. Padden op Uw pad, wolvengehuil, je moest er even aan wennen. Kommer en kwel waren je deel, als je verkeerde dingen deed. 
Geel is de kleur is de kleur van de zon, een opvallende vrolijke kleur, die het brein, denkproces en zenuwstelsel stimuleert. Geel wordt geassocieerd met energie, zon, lente, zomer, een nieuw begin, levensplezier en geluk. Deze kleur stemt vrolijk en positief. Geel geeft focus en doelgerichtheid. Door de stimulatie van het brein staat de kleur voor kennis, wijsheid en volwassenheid, maar ook voor creativiteit en fantasie. Positieve associaties met geel zijn een gevoel van geluk, warmte, vreugde, en blijdschap.
Maar let op, geel heeft ook zijn negatieve associaties. Denk bijvoorbeeld aan jaloezie, onbetrouwbaarheid, verraad en lafheid. Verblijven in een overwegend gele ruimte maakt onrustig, je verliest er snel je geduld. Met geel kun je goed accenten aanbrengen, waardoor het vaak gebruikt wordt in advertenties met aanbiedingen. 
Mijn moeder waarschuwde mij altijd  voor het onzichtbare. De heks op haar bezemsteel (ik had nog nooit van mijn leven een heks op een bezemsteel gezien en nu nog niet) en de boze tovenaar, want daar moest je niet mee te maken krijgen, liet ze in alle toonaarden horen. Je voelde de magische kracht die haar woorden uitstraalde. Het donkere gat, het griezelig grote donkere gat, waarmee werd gedreigd, heb ik nooit gezien.  Ongelooflijk, ik ben er groot mee geworden, het donkere gat kon mij niet deren. Maar toch. De jaren gaan tellen en ik begin te geloven, dat hier op het eiland heel veel dingen gebeuren die we niet zien of voorzien hebben. De Brua in de grotten waar de stokjes op een bepaalde manier gesorteerd zijn en een geslacht geitje herinneren hieraan. Jarenlang stond er een poppetje in een nisje verscholen op de Kabritenberg. Het zal wel als een grapje bedoeld zijn.
Het gekras van een kraai of een raaf betekent; je zult een onaangename ontmoeting hebben.
Een omgevallen oliekruik zien.
Een zwarte hond een huis binnen zien lopen.
Een slang van het dak in de tuin zien vallen.
Een dakbalk zien splijten.
Wijn of water morsen, etc
Als je over de drempel struikelde in de morgen, kon je maar beter thuis blijven die dag.
Als je tijdens de maaltijd een haan hoorde kraaien, moest je snel een passende bezwering uitspreken of die dag niet meer eten.
Als je tijdens het eten over brand sprak, moest je vlug wat water over de tafel sprenkelen om alle brandgevaar te weren.
En zo zijn er ook verhalen over het boze oog, maar die bewaar ik voor een volgende keer.

--------------------------------------------------

DE WANDELING:

Openlucht Museum.
Om half vier 'smiddags gingen we van start. We liepen vrolijk en opgewekt om ons heen te kijken en we volgden het pad dat naar langs de kust loopt. Het was alsof je in een groene wei wandelde. Overal waren er groene struikjes en boompjes. De saliestruiken stonden in volle bloei. De Watakeli rook lekker. 





Het pad dat langs de kust liep en waar ons een kruipdoor sluipdoor te wachten stond wacht nog even. Het pad moest een degelijke snoeibeurt ondergaan,  zodat we terug gingen, want we kwamen niet om te snoeien. Het paadje op het terras langs de kust bracht ons uiteindelijk aan de kustrand met een mooi kustuitzicht. 
We volgden het pad naar de ingang. Hier werd vroeger koraal verbrand tot kalk. Men deed dat door er manzanillahout en bladeren voor het vuur te gebruiken dan had men minder last van Komeheine (termieten).  Het paadje omhoog langs de lagune was verrassend. Door een groene natuur wandelden we naar de flessenberg en het Openlucht Museum.





De autowrakken lagen er nog. Hoe oud die waren? Waarschijnlijk van voor de oorlog. Ook toen keek men niet zo nauw. We liepen naar de rand van de lagune en hadden een schitterend uitzicht over het water. Het leek wel of er een bruggetje was aangelegd om rondom de lagune te lopen. Dan hoefde je niet meer door het bos te klauteren.



We gingen verder en kwamen uiteindelijk weer bij de ingang van de lagune uit. Normaal zie hier veel reigers en pelikanen vissen. We liepen het oudste gedeelte van Jan Thiel binnen. Hier staan veel oude bomen zoals Palu di Sias en eeuwenoude Cadushis.

Het pad was slingerend en groen bedekt met af en toe uitzicht op de lagune met zijn zoutpannen.
Achter Cho Go Go kwamen we uit en spoedden ons naar waar we onze auto's geparkeerd hadden.
Met een vrolijke wandelgroet, G.K.

Wandelverslag Groot St. Joris, Pyramide, 28-10-2018

Bon siman.
Kort verslag.

Vijf jaar geleden waren we bij de Pyramide aan de ingang van de Groot St. Joris baai. Het heeft lang geduurd  dat we deze voettocht weer gemaakt hebben. Er zijn blijkbaar genoeg andere interressante wandelingen in ons wandelreportoire. Niet vanwege een rotsachtig gebied met kolossale grote rotsblokken met veel gruis op de hellingen. Je moet uitkijken dat je niet uitglijdt. Voorzichtigheid is geboden. De erosie viert hier hoogtij.



Eentje van deze rotsen is als je veraf staat een puntrots, die op een pyramide lijkt. Als je evenwel dichterbij komt blijkt het een enorme rotsklomp te zijn. 


Even voordat je de rotsen beklimt zie je stroken tussen de rotsen die bedekt liggen met oesterschelpen. De indianen hebben hier lekker zitten te smikkelen.
Bij het verzamelpunt zag je in de verte de punt van de pyramide aan de ingang van de St. Joris baai staan.


Iedereen was er en daar gingen we dan. Langs de plassen en door de modder. De mangroven vormden het decor en de surfers de achtergrond. Wat is die plas toch groot! De bootjes lagen te dobberen, de vissers wilden blijkbaar niet hun bootjes verhuren voor een sightseeing. De ingang lag er schitterend in de zonnegloed. 



Wij zwoegden ons tussen de rotsen door en wierpen af en toe een blik op het natuurschoon. Het was lastig klauteren, maar niet onoverkomelijk. Sommigen moesten er bij gaan zitten om zich langs de rotsen voort te bewegen. Over vijf jaar maar weer deze voettocht. Avontuurlijker kunnen we het niet maken. Ik heb stemmen horen opgaan dat ze volgende week dezelfde route wilden, maar dat heb ik als een grapje beschouwd.


Met een vrolijke wandelgroet, G.K.

zondag 21 oktober 2018

Wandelverslag van de Paramira en Newtown wandeling. 06-11-2016.

Beste Wandelaars,

Bon Siman.
U heeft vast wel eens van de Blauwgakkokhals, die gakken er lustig op los,, het Pimpelpaarsmeesje, want die kunnen zo vrolijk fluiten, en de Bruinsnuitkever gehoord. In de volksmond worden ze ook wel het Kokhalsje, Pimpeltje en Snuitje genoemd. Deze komen jammer genoeg op Curacao niet voor. Daarentegen zijn er wel de vele snoeshanen en belhamels, maar wat wil je ook in zo,n land, waar regelmatig het licht uitvalt, zodat je het verschil niet ziet. Zelfs bij de volle maan, zie je niet of je met een snoes of een hamel te maken hebt, laat staan, dat je de heibel hebt horen luiden. 
Gelukkig is het bijna kerst en dan worden de lichtjes weer ontstoken. Reeds nu wordt ons voor ogen gehouden hoe de klepel in de steel zit en omgekeerd, want met vereende krachten weten we wie er over een paar dagen in de vereenigde staten een vrouw of een man is als president de lakens uitdeelt. Het zal wel een vrouw zijn, want die zijn goed met lakens. Hier op Curacao staat het P S voor, geef mij er maar twee. Of zou het amper nog lukken om met de doedelzakspelers het bestaan met een Man-signatuur te bepalen.

Vooruit de berg op moet een ieder gedacht hebben. Na het 44ste staandertje vonden we het pad door de rooi naar de berg Paramira. Mooi groen is niet lelijk.
En groen was het, alsof er geen droge tijd, geen El Nino, was geweest. De Byrsonima Crassifolio stond ons uitbundig met zijn groene tooi te begroeten en vooral gele bloemen, want hij bloeit in deze tijd. De stenen pijl lieten we even voor wat het was, want hier kwamen toch terug. We begonnen aan de klim naar de top van de Paramira. De quaresma liet ons met rust. We waren blij, dat het nagenoeg windstil was. Met een gerust hart de flagstone rotsformatie overstekend, klommen we gestadig verder. Op de top aangekomen was het uitzicht overweldigend. Tussen de groene heuvels in de verte zag je een paar gebouwtjes en op de wegen reden speelgoedautotjes. Amazing. Op naar de tweede top met het kadasterblok, nog hoger dus en een nog mooier uitzicht. Doordat er verschillende bomen in bloei stonden was het een feestelijke tocht. De IJzerboom,palu di Heru, bloeide, zoook de Watakeli en de Bringa Mosa, vechtend meisje.

 Terug bij de pijl begonnen we aan een rulle afdaling, de speciale techniek van dwarsop kwam ons goed van pas en dan was je nog blij dat er bomen stonden die een houvast gaven. We kwamen uit bij een dam waarop de fabrieken van John Godden, de mangaanertsmijner, stonden. Nou ja, de overblijfselen althans. Van de verhittingsschoorsteen was niet veel meer over. De Palu di Sias Cora op afstand gaven fleur aan het geheel. Met hun wortelstelsels boven de grond, een opzienbarend verschijnsel, probeerden ze de laatste druppel vocht te bemachtigen. Het leek wel of deze bomen geen water nodig hadden, want hun wortels kronkelden over een dam die toch een behoorlijke hoogte had. Maar zoals een oud spreekwoord zegt, "het kronkelen der wortelen haalt de laatste druppel naar boven".
Even verder op vonden we de gebouwen opgetrokken in Neo Byzantijnse stijl. De bogen waren er , maar de deuren en kozijnen waren verdwenen.
Ook hier had de tand des tijds toegeslagen. De Bridgewater dakpannen, engels gekarteld, lagen verspreid en de muren met Cattybrook Bricks uit Bristol bogen stonden amper nog overeind. Een grote waterbak hield onze blik gevangen. Zouden de settlers hier hun wekelijkse gemeenschappelijk bad genomen hebben? Hebben ze hier elkaars rug geschrobt? Of moest men juist met het water zuinig omspringen. Dat laatste zal wel het geval zijn geweest, want het gebied kent geen natuurlijke bronnen. En van schrobben krijg je het extra heet.
Je zou er dorst van krijgen. We spoedden ons in de richting van de baai van Lagun, waar onze autos geparkeerd stonden. Onderweg  is er vast wel een of andere koude rakker te krijgen. Het hotel/ restaurant boven met het uitzicht op de baai deed het bier en ander vocht sissnd naar binnen glijden. De zon was al onder en begon al aardig te donkeren, zodat we niet veel van het baaigebeuren zagen.

Voor de volgende week is er geen wandeling gepland door de drukte van familiebezoek. Maar mocht er onverhoopt toch een wandeling zijn dan wordt U op de hoogte gesteld.

Met een vrolijke wandelgroet,
Groetend, G.K.

zaterdag 12 mei 2018

Wandelverslag Mangaanmijn, Newtown Lagoen, 07-05-2018.

dit gebied is niet vrij toegankelijk

Bon siman.
Klaar voor het klapgebaar.
Wist U dat, in een kleine ruimte het bovenhoofds klappen beter gaat dan het breed uit applaudiseren. We hadden de ruimte en deze speciale wandeling was zeker een applausje waard. Een bizondere tocht zou O.B. Bommel wel gezegd hebben, als hij deze wandeling, Newtown met zijn oude gebouwen, had meegemaakt. Een dorpje waar een Engelse nederzetting was neergestreken in het begin van de twintigste eeuw om mangaan te winnen.







John Godden een Engelse mijning-engineer had eerst het eiland Klein Curacao al van zijn toplaag fosfaat ontdaan en later had hij de Mijnmaatshappij opgericht om het Tafelbergse fosfaat winnen.
Schepen voeren vol fosfaat naar Europa en leeg met ballast in de vorm van natuursteen en engelse dakpannen terug naar Curaçao. Net zoals bij de mijnmaatschappij liet hij er gebouwen van oprichten. Een vervallen woning met een enorme waterbak is er vandaag nog te zien. Jarenlang werd een groot opslaggebouw voor het landhuis Jeremi versleten. 

Het duurde meer dan een uur eer we uit de rooi tevoorschijn kwamen, maar als je dan temidden van die heuvels zit, voel je je klein en nietig. Van de prachtige uitzichten over het seru landschap was het een weergaloos genieten. Een koele dronk verfriste onze kelen. Nu kwam de rulle afdaling naar de Mangaanfabriek.

Hier en daar een tak vastpakkend gleden we zo goed en kwaad naar beneden. Zonder kleerscheuren volbracht iedereen dit hachelijke avontuur. De fabriek was door de tand des tijds behoorlijk aangetast. De Palu di Sias  (zadelboom) stonden nog op de dam in volle glorie. De droogte had alleen hun van het bladerdak beroofd. De Bringa Mosa stond ons argeloos op te wachten. Gelukkig hadden we het op tijd in de gaten, zodat we niet een onaangename ervaring op deden.

De gebouwen langs het pad waren in Bysantijnse stijl opgetrokken en de roodkleurige klinkers gaven een vrolijke indruk. Hier en daar lagen kapotte dakpannen Engelse en Hollandse.
We liepen door het hondenbuurtje en de honden blaften ons vrolijk toe.

Breed uit lachend namen we afscheid van een mooie en byzondere wandeling en tevens van een paar trouwe wandelaars toen we bij de auto's aankwamen.


Met een vrolijke wandelgroet, G.K.

foto's en verslag: G.K.

zondag 5 maart 2017

Wandelverslag Den Dunki en Parke Sorsaka. 26-02-2017. Oost

Bon Siman.
Je bent er ook al je er niet bent. Zelfs ik zou in de war raken, als ik het doen en laten van een ander zie. Het is net zoiets,  als je een gedachte kunt wegen of dat je het geluk voor een meter koopt. Het carnaval begint en wij lopen in optocht om precies vier uur de mondi in. Het was erg drassig bij de Pos di Orashon, we moesten verschillende omwegen verzinnen om het juiste pad te houden. Maar dat kon hem de pret niet drukken.
Orashon


Na veel geslinger bereikten we eindelijk het dansvloertje, waar de dikste mahok van Dushi Korsow staat.
De putten bevatten allen water, maar of het drinkbaar is, wilde men niet uitproberen. Te veel manzanilla appeltjes in de buurt en een avondje scheurbuik lijkt me niet zo lekker.

Met veel kruip door- sluip door bereikten we de zoutpannen. 
Twee eenzame flamingos staken hun kop onder water toen ze ons in het oog kregen. Die garnaaltjes en krabbetjes zijn veel belangrijker. Aan het einde van de zoutpannen was het erg modderig en af en toe slipten we weg.


We hielden zoveel als mogelijk de hoge kant aan en moesten af en toe een stukje door het bos. We liepen over een goed begaanbaar pad door de Parke Sorsaka en vervolgden onze route door Den Dunki met zijn vele putten. 

Swanbridge

De oorsprong van de naam Den Dunki is onbekend. In het begin van de twintigste eeuw heeft de familie Gorsira het beheer overgenomen en er een siertuin van gemaakt. De Swanbridge is daar nog een aandenken van. Nu staan er overal bordjes met tekst en uitleg over al wat je kan zien en bizonderheden over de planten en bomengroei. Zelfs is er een speeltuin voor de kinderen. Uniek Curaçao mijn petje af voor zo'n mooi parkje.

Op de terugweg wandelden we langs de zoutpannen. De twee flamingo's verslikten zich bijkans toen ze ons weer zagen. Ze dachten het rijk alleen te hebben blijkbaar. De opgeworpen dammetjes tussen de zoutpannen stonden gedeeltelijk onder water. We waagden het er niet op om natte voeten te krijgen, ofschoon onze moderige schoenen best wel een wasbeurt konden verdragen. Na de pannen kwamen we op het pad uit dat we heen ook al genomen hadden, met een uitzondering van een parallelpad, dat ons gedeeltelijk in nieuwe kontrijen bracht. Vanaf dit pad heb je met zonsondergang een schtterend schouwspel over de pannen en het Jan Thiel binnenmeer.
Even verderop begroette de Tafelberg in de verte ons. Al met al een mooie Jan Thielse wandeling, die ons 2 3/4 uur verrast heeft.

Met een vrolijke wandelgroet, G.K.